Stemvorming voor groepen

Elke groep van zangers, of het nu een kerkkoor, kamerkoor of oratoriumkoor is, heeft behoefte aan deskundige tips voor stemgebruik, ademhaling en voor het werken aan de koorklank. Het volgen van zanglessen is namelijk nog geen garantie tot het worden van een goed koorzanger. Het zingen in een koor is meer dan de eigen partij behoorlijk kunnen zingen, het betekent ook luisteren naar elkaar, het zelfstandig kunnen inzetten, gemaakte fouten zo snel mogelijk corrigeren. De stemvormingscursus helpt je beter te functioneren in je koor.

Al vele jaren geef ik cursussen aan koren, zoals aan het Toonkunstkoor in Utrecht, waarbij ik de de cursusinhoud en cursusduur aanpas aan de behoefte en mogelijkheden van elke groep.
Het is bijvoorbeeld mogelijk te beginnen met een programma van 2 uur, dat bijvoorbeeld goed ingepast kan worden op een studie-dag of in een studie-weekend. Ook kan er een (repetitie-)avond aan gewijd worden.
Uitgebreidere cursussen duren tussen van 5 tot 10 avonden van 2 uur elk.

Hier zie je wat er in mijn Cursus Stemvorming aan de orde komt:
(in een kortere cursus wordt in overleg met de dirigent uit het onderstaande een keuze gemaakt)

  1. ADEM
    Ademtechniek en ademsteun. Het goed en laag leren ademen en deze ademhaling trainen tijdens zangoefeningen. Er wordt aandacht besteed aan het onhoorbaar en snel laag inademen. Een goede ademhaling kan alleen functioneren wanneer er sprake is van een goede houding.
  2. ARTICULATIE
    Het juist vormen van de vocalen en de bijbehorende resonans. Het zeer goed uitspreken van de medeklinkers die ook zorgen voor een goede ademsteun. De zanguitspraak in verschillende talen.
  3. RITME
    Ritmisch leren zingen. De notenwaarde wordt uitgelegd en er worden ritmische oefeningen gedaan. Want, hoe mooi de gezongen toon ook is, op het verkeerde moment is hij alsnog fout. Het ritme is de steun voor de koorzanger.
  4. UITVOERINGSPRAKTIJK
    Het kunnen zingen van verschillende notaties b.v., legato en staccato, het zingen van grote sprongen, het instuderen van coloraturen, hard en zacht zingen, een crescendo en decrescendo maken.
  5. ZANGOEFENINGEN
    Door het instuderen van canons wordt de zelfstandigheid van de koorzanger bevorderd, Er kan dan worden opgemerkt of er wordt 'meegezongen', of dat men de materie beheerst en ook zuiver zingt.
  6. THEORIE
    Er wordt een kleine schets gegeven van de bouw van het stemapparaat (ademhaling, strottenhoofd en resonantieruimte). Ook elementaire muziektheorie komt aan bod: het notenschrift, het onderscheid tussen grote en kleine terts, benoemen van intervallen, dynamische tekens, en veelvoorkomende muziektermen.
  7. MUZIEK MAKEN
    Zingen is meer dan technisch verzorgd geluid maken. Zingen is ook emotie (denk aan 'brok in de keel'). Zingen is lichamelijk één zijn (adem en gedachte). Je adem en je muzikale gevoel en gedachte moeten leren samengaan. Aan de hand van canons en kleine (niet eenvoudige) koorwerkjes wordt er gewerkt aan de koorklank en aan het muziek maken. Je krijgt tips waar je als koorzanger vooral op moet letten. Zo zal er b.v. gewerkt worden aan het gelijk inzetten, gelijke uitspraak, en het gezamenlijk volgen van de muzikale lijn. Geleerd wordt te reageren op de dirigent, en het kunnen zingen zonder dirigent, zelfstandig en op eigen beweging (=adem) kunnen inzetten, en daarbij luisteren naar elkaar. Tijdens het zingen van deze stukjes wordt er gekeken naar de juiste toepassing van de zangtechniek, die in de cursus is uitgelegd; een soort praktijkles.

In deze 10 zangavonden geef ik dus veel technische en muziektheoretische informatie. Ik heb een speciaal Cursusboek samengesteld, waarin je alle oefeningen en aanwijzingen kunt terugvinden. En imiddels hebben talloze zangers geleerd dat goede stemvorming bijdraagt aan je zangplezier en aan de kwaliteit van je koor!

Meer informatie?
Heb je nog vragen, stel ze gerust, en

sitemap | disclaimer | © 2008 www.woutervanbelle.nl